- vrijdag 25 mei 2018- Geluid uit:
 
Steun ons!

Oude bomen nemen tonnen stof uit de lucht op

 

Bomen nemen verontreinigde lucht (zoals uitlaatgassen) op, verwijderen stof uit lucht, verfraaien architectuur en ruimte, en herinneren de stedeling midden in de hectiek van een stad op plezierige wijze aan de basis van zijn bestaan. De grilligheid van het weer, het wisselen der seizoenen en het spannende opduiken van elke dag weer andere vliegende bezoekers.

Wie kijkt, ziet dat hun onverstoorbaarheid schijn is, het zijn eilanden vol leven. Bomen vertalen niet zelden de cultuurhistorie van een plaats in hedendaagse herkenbaarheid en gezelligheid. Dit verhoogt weer de betrokkenheid van de burgers bij hun gemeente. Al deze functies vervullen bomen bovendien met een minimaal beslag op de kostbare grond van de stad: hun nadrukkelijk zichtbare derde dimensie maakt ze onnavolgbaar ruimte-efficiënt!

Juist daar waar véél mensen wonen en komen zijn bomen zonder meer onmisbaar en iedere gemeente zou de hulp die bomen kunnen bieden bij het realiseren van een "fijne plek voor iedereen"volop moeten benutten. Een respectvol bomenbeheer zegt de burger dan ook veel over zijn gemeentebestuur.

Verkort weergegeven het nut van bomen in uw leefomgeving:

  1. Zuivering van de verontreinigde lucht.
  2. Bescherming en regeneratie van de grond.
  3. Verfraaiing van het stedelijk en landelijk landschap.
  4. Vermindering van de visuele hinder en de geluidshinder.
  5. Bomen herinneren aan de kringloop van de jaargetijden.
  6. Bomen zijn een inspiratiebron voor artistieke creativiteit.
  7. Bomen zijn een symbool voor leven, groei, geestelijke verheffing ...

Luchtverontreiniging
Het groeiend aantal auto's veroorzaakt dat de kwaliteit van de lucht steeds slechter wordt.

In veel gedeelte van Nederland neemt de uitstoot van schadelijke stoffen en dus de vervuiling toe.
Het broeikaseffect wordt versterkt en de gezondheid van mens, dier en plant geschaad.

De belangrijkste verontreinigende stoffen die door het verkeer in de lucht terechtkomen, zijn: stikstofoxide (Nox), koolstofoxide (CO2), ozon (O3), koolwaterstoffen (HC) en koolmonoxide (CO),vluchtige organische stoffen (VOS) en Fijn stof (PM10).

Fijn stof is er in vele soorten en maten.
Sinds een aantal jaren wordt er onderzoek gedaan naar de gezondheidseffecten van fijn stof.
Vooral kinderen en ouderen blijken zeer gevoelig te zijn voor fijn stof.
Dit kan zich uiten in astma en andere aandoeningen van de luchtwegen.

Verder hebben we nog luchtverontreiniging uit vaste bronnen (bedrijven, woningen, boerderijen en stortplaatsen).
Afgezien van CO2 betreft het hier met name zwaveldioxide (SO2), stikstofoxiden (NOx), koolwaterstoffen (HC), roetdeeltjes, chloorfluorkoolwaterstoffen (cfk's) en methaan. Emissies bij de productie van energie, waarbij het - afgezien van CO2 - voornamelijk gaat om zwaveldioxide (SO2) en roetdeeltjes.

Een tweetal onderzoeken:
Oude bomen nemen tonnen stof uit de lucht op; jonge bomen minder, maar ze doen het toch maar.
Of om met de woorden van F.Fontaine, hoofd van de afdeling Plantsoenen van gemeentewerken te spreken:"door het assimilatieproces zorgen de bomen, voornamelijk 's nachts, als wij rustig slapen met onze vervuilde stadslongetjes, dat verontreinigde en verbruikte lucht in zuurstofrijke, schone lucht wordt omgezet, die wij 's morgens opgewekt met volle teugen kunnen inademen".
Een boom heeft waarde en meer bomen hebben meer waarde.
En bossen zijn voor het leven van de mens onmisbaar, zoals een schone zee en niet-verontreinigde grond.
Want bomen halen stof en ander vuil uit de lucht.
Een honderdjarige beuk neemt 150m2 plaats in. Het loofoppervlak (de bladeren dus) ligt tussen de 1200 en de 1500m2. In een grote stad neemt dat bladoppervlak steeds 1,3 registerton stof op.
Als het dan flink regent verdwijnt dat stof weer door het riool, waarna de boomkroon opnieuw 1,3 registerton stof kan opnemen.
Een hectare beukenbos in stadspark of binnen een stedelijk gebied is goed voor enkele tientallen tonnen stof per regenbui.
Een hectare linden is goed voor 169 kilogram stof per dag en voor 42 ton per seizoen. Een honderdjarige beuk kan in een periode dat hij blad draagt 125.000m3 lucht zuiveren en per dag 200 liter water verdampen.
Een mens ademt als hij zich normaal inspant twaalf kubieke meter lucht per dag door zijn longen, maar daarbij zit voor de stadsmens in ieder geval ook twintig milligram stofdelen. Afgezien dan nog van de vuiligheid van auto's en fabrieken. Bomen zijn nodig, hard nodig.
Frans Fontaine, (1921-2002), Dendroloog Eindhoven

------------------------------------------------------------------------------------------------------

Klimatologisch/Hygiënisch: Beplantingen van grote afmetingen zoals bossen,parken en groenstroken van 50m breed, bevorderen de luchtwervelingen erboven, waardoor de wind wordt afgezwakt, meer "beschutting"wordt verkregen en een grote mate van luchtverdunning c.q. luchtmenging optreedt. Hierdoor worden stof en gassen over een grote hoogte en afstand verspreid.
Hoewel voor ons land van minder belang, zij nog vermeld dat de gemiddelde temperatuur in een park of bos, gelegen in een stad, op een warme zonnige dag tot 3ºC lager is dan in het stadscentrum. Belangrijker is de functie van het groen als stoffilter.
Gebleken is dat reeds op 30m achter een bosrand, gelegen langs de autosnelweg, weinig of geen stof voorkomt. Hetzelfde geldt voor straten met bomen; hier bedraagt het aantal stofdeeltjes ca. een derde van straten zonder bomen.
Zelfs in drukke stadsstraten, zoals b.v. de Prinsegracht in Den Haag, bleek dat binnen een smalle groenstrook van enkele meters ca. 50% minder (verkeersstof) werd gevonden. ook 's winters fungeren de fijne twijgen als luchtzeef, waarop het stof zich afzet en bij regen afspoelt.
De zeefwerking is groter naarmate de boomkroon groter is; een grote boom met een kroondoorsnede van 10m heeft een 1000x groter oppervlak aanbladeren dan een boom met een kroon van 1m.
Het groen is niet in staat om verontreiniging ten gevolge van gasvorming te verminderen.
Wel kunnen door het aanbrengen van 50-500m brede beplanting rond bedrijven, die door gasvorming de lucht verontreinigen, de lucht wervelingen worden bevorderd, terwijl hier ook het menselijke "wat niet ziet wat niet deert"vaak van toepassing is.
Bloembakken met Petunia's bloeien niet op drukke verkeerspleinen, terwijl de bomen staande naast bushalten slechter groeien dan de andere en vaak dood gaan.
Loofbomen zijn beter bestand tegen luchtverontreiniging dan naaldhoutbomen, bomen met behaarde bladeren beter dan die met gladde bladeren. Iep, plataan , Sorbus intermedia e.d. zijn het best hiertegen bestand, Linde minder. Gemeente Utrecht, 1985


Previous page: Waarom deze site?
Volgende pagina: Hoe stop ik de kap?


Ook dit is een project van Stichting Ons Groene Milieu